FRDO CFDD

FEDERALE RAAD VOOR DUURZAME ONTWIKKELING

De raad

De Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling (FRDO) geeft adviezen aan de Belgische federale overheid over het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling. Bijzondere aandacht gaat daarbij naar de uitvoering van internationale verbintenissen van België, zoals Agenda 21, het Klimaatverdrag en het Verdrag inzake biologische diversiteit. Die verbintenissen zijn het resultaat van de Conferentie van de Verenigde Naties over Milieu en Ontwikkeling die in juni 1992 in Rio de Janeiro plaatsvond (bekend als UNCED, United Nations Conference on Environment and Development).

De FRDO werd in 1997 opgericht als opvolger van de Nationale Raad voor Duurzame Ontwikkeling (NRDO) die sinds 1993 functioneerde. De Raad werd opgericht door de wet van 5 mei 1997 (aangepast in 2010). Die regelt de coördinatie van het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling.

De langetermijnvisie duurzame ontwikkeling

Tegen 2050 is België een inclusieve samenleving met een beschermd leefmilieu, met een economie aangepast aan de economische, sociale en ecologische uitdagingen en met een maatschappelijk verantwoordelijke federale overheid. Dit zijn de ambitieuze uitdagingen van de federale langetermijnvisie inzake duurzame ontwikkeling die de federale regering op 17 mei 2013 goedkeurde. Hiermee bevestigt de federale regering haar engagement om te werken aan een duurzame samenleving voor de huidige en de toekomstige generaties.

De langetermijnvisie bevat naast vier grote uitdagingen ook doelstellingen en indicatoren. De doelstellingen zijn verbonden aan federale competenties zoals o.a. armoedebestrijding, volksgezondheid, mobiliteit, energie, klimaatverandering, consumptie- en productiepatronen, financiën en ontwikkelingssamenwerking. De indicatoren dienen om de evolutie op te volgen.

Voor de realisatie van deze langetermijndoelstellingen is een samenwerking tussen verschillende beleidsniveaus aangewezen. Deze visie kan een aanzet zijn voor het uitwerken van een nationale strategie inzake duurzame ontwikkeling.

De langetermijnvisie is het kader voor de vijfjaarlijkse Federale Plannen voor Duurzame Ontwikkeling. Deze plannen bevatten acties en maatregelen op stap voor stap te evolueren naar een inclusieve samenleving met respect voor het leefmilieu en een aangepaste economie. Het volgende Federaal Plan voor Duurzame Ontwikkeling, gebaseerd op deze langetermijnvisie, wordt momenteel voorbereid.

Deze langetermijnvisie werd gecoördineerd door de POD Duurzame Ontwikkeling in samenwerking met de Interdepartementale Commissie voor Duurzame Ontwikkeling en met bijdragen van het Federaal Planbureau, de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling en de parlementaire Commissie Klimaat en Duurzame Ontwikkeling.

Beleidscyclus en actoren

De realisatie van deze langetermijnvisie gebeurt stapsgewijs volgens een vijfjarige leercyclus. Dit betekent dat in iedere cyclus acties en maatregelen via interdepartementale samenwerking gedefinieerd worden om van de huidige situatie te evolueren naar de gewenste situatie in 2050. Deze acties worden gepubliceerd in het Federaal Plan voor Duurzame Ontwikkeling. De acties worden door iedere federale administratie uitgevoerd en nadien geëvalueerd. De evaluatie dient als basis voor een nieuwe vijfjarige cyclus. Deze cyclische manier van werken impliceert dat de genomen beslissingen steeds verder kunnen worden geoptimaliseerd en aangepast aan nieuwe situaties. Opgebouwde ervaring en kennis worden benut om iedere cyclus te verbeteren en nieuwe acties en maatregelen op te stellen.

In de vijfjarige leercyclus van het federaal beleid duurzame ontwikkeling zijn vier verschillende partners, met ieder hun eigen rol en verantwoordelijkheid, betrokken:

De opdracht van de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling

De raad heeft als wettelijke opdrachten:

  • advies verlenen aan de overheid over alle maatregelen betreffende het federale beleid inzake duurzame ontwikkeling en participatie aan beleidsdialogen met leden van de regering;
  • een forum zijn waar van gedachten kan worden gewisseld over duurzame ontwikkeling. Hieronder valt ook de organisatie van stakeholderdialogen ter voorbereiding van adviezen binnen de statutaire organen, werkgroepen en fora;
  • informeren en sensibiliseren over duurzame ontwikkeling van burgers, particulieren en openbare organisaties. Dit gebeurt voornamelijk via studiedagen, de persprijs duurzame ontwikkeling en publicaties;
  • onderzoek voorstellen op alle domeinen die verband houden met duurzame ontwikkeling.

De adviestaak van de raad werd in de loop der jaren uitgebreid met bijkomende specifieke opdrachten in het domein van de productnormen, de internationale samenwerking, de milieuplannen en –programma’s en het mariene milieubeleid.

De raad oefent de adviesopdrachten uit op het verzoek van ministers of staatssecretarissen, van het parlement of op eigen initiatief. De ministers of staatssecretarissen informeren de raad vervolgens over het gevolg dat door de regering is gegeven aan de adviezen en, in voorkomend geval, de redenen voor het afwijken ervan.

De leden van de raad

De leden van de raad zijn vertegenwoordigers van diverse maatschappelijke groepen: milieuorganisaties, organisaties voor ontwikkelingssamenwerking, verbruikers-, werknemers- en werkgeversorganisaties, jongerenorganisaties en de wetenschappelijke wereld. Vertegenwoordigers van de federale regering, van de gemeenschappen en gewesten en van milieuraden en sociaal-economische raden zijn leden zonder stemrecht.